Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 25,26
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206275
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
j verklaring van woorden. 209
heid. Karèl had dit niet verftaan. Hij vroeg, of
een mensch doen mogt, wat hij wilde? ,, Neen,"
zeide zijn vader, „ zoo is dat niet gemeend.
„ Er zijn bedrijven, die zoo moeten gefchieden,
„ als zij gefchieden , gij moet, bij voorbeeld,
„ flapen, eten, en drinken. Dat noemt men na-
„ ttiurlijke handelingen. Maar vele handelingen
„ kunt gij ook nalaten. Bij voorbeeld, als fre-
„ derik u om een dienstbewijs bidt, dan hebt
„ gij het in uwe magt, of gij hem dat dienst-
„ bewijs doen wilt, dan niet. Wanneer een ar-
„ me u om eene kleene gift aanfpreekt, en gij
„ geld hebt, dan kunt gij ze hem geven, maar gij
„ kunt ze hem ook weigeren, er is niets, 'dat u
„ dwingt om ze hem te geven; en er is ook
,, niets, dat u tot het tegendeel dwingt. Zie,
„ zulke handelingen, die niet juist zoo zijn moe-
„ ten , als zij zijn, noemt men vrij. Bij deze
,, handelingen komt het daarop aan, of men wil,
„ dan of men niet wil. Gij zult uwen broeder
,, frederik den gevraagden dienst doen, als gij
„ wilt, en als gij niet wilt, zult gij hem dien
,, dienst niet doen, uw wil kan, intusfchen,
„ door niets gedwongen worden, daarom zegt
„ men, dat de mensch een vrijen wil heeft."
Regt.--Al, wat iemand doen en vorderen
mag, is regt, of hij heeft een regt daarop. De
leermeester mag vorderen, dat het kind in de
P 5 fchool