Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 25,26
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206275
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
»22 Verklaring van woordeit.
beeldingskragt. Hebt gij nu het onderfcheid wel
begrepen ?
Karel. Ik geloof, ja!
Vader. Kunt gij u een fchaap verbeelden,
als of het thands voor u , in de weide, liep,
eene koe, die ftoot, een dravend paard, enz.?
Karel. O ja!
Vader. Maar kunt gij u de goede les ver-
beelden, die gij gisteren van willem kreegt, om
nooit onbedachtzaam te zijn? Kunt gij ook ma-
ken , dat die les werklijk voor u fchijne te
ftaan?
Karel. QNa eenig verbeiden.) Vader! ik heb
het beproefd. Ik kan het niet.
Vader. Maar gij kunt u die les evenwel
herinneren?
Karel. O zeer wel!
Vader. Nu, zie, daar hebt gij een nieuvr
onderfcheid. Men kan zich alle dingen wel her-
inneren : maar....
Karel. O, ik raad het reeds, men kan z«
zich niet allen verbeelden.
Vader. Weet gij nog, wat op de prenten
ftond, waar mede frederik gisteren fpeelde?
Karel. Daar ftond veel gekheid op. Een
ezel dreef eenen man, die een zwaar pak op den
rug had, voor zich henen. Een lam beet een
hond.