Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 25,26
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206275
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
j verklaring van woorden. 209
Vader. Als het, thands in den winter, in
deze Ivamer warm wordt, Icomt dit zoo van zelf,
of wordt de warmte door iets voordgebragt ?
Karel. Zij wordt door iets voordgebragt.
Het vuur in de kagchel maakt, dat het in de
kamer warm wordt.
Vader. Of toen voor eenige dagen de kleene
vijver in onzen tuin zoo geweldig aanwies, dat
hij overliep, en een ftuk van den tuin over-
ftroomde, Rwam dit van zelf, of was er iets
voorafgegaan, waaruit het ontftond?
Karel. Er was iets voorafgegaan. Er was
een fterk onweder geweest; toen had het zeen
geregend.
Vader. Nu, kijk, het onweder was de oor-
zaak van het opzwellen des vijvers; maar het
opzwellen, en overloopen, was hetuitwerkfel. —
En het vuur in de kagchel....?
Karel. Was de oorzaak, dat het in de ka-
mer warm werd, en de warmte was het uit-
werkfel. Niet waar? Vader!
Vader. Juist getroffen! Wat is dan nu oor-
zaak?
Karel. Datgene, welk iets voordbrengt; er
uitwerkfel is, het geen daardoor voordgebrag
wordt.
„ Gij hebt het zeer wel begrepen, " zcide ziji
vader; ,5 maar weet gij nu ook, welk van bei
„ de