Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 25,26
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206275
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
j verklaring van woorden. 209
Vader. Nu, dat zijn juist de eigenfchappen
der dingen, de eigendomlijke hoedanigheden, die
zij hebben. Noem mij nu toch eens eene ei-
genfchap van de gans.
Karel. Hij kan zwemmen.
VaDer. Noem mij ook eens eene eigenfchrtp
van een visch*
Karel. Hij kan ook zwemmen. Kijk, va-
der! dan hebben immers de ganzen en de vis-'
fchen eenerlei geaardheid en eigenfchappen.
Vader. Regt zoo; in het zwemmen komeni
zij overeen. D.e eenden, kikvorfcheil, en zwa--
nen , kunnen ook zvVemmen. In deze eigen-
fchap komen zij derhalve overeen. Maar zullen'
zij dan ook wel, in alle overige eigenfchappen,
overeenftemmen?
Karel. Neen, Zeker niet; ganZen eri eenden
kunnen het water niet bewonen. De viseh leeft
midden daarin en kan zich op het land niet be-
helpen. Kikvorfchen leven in het Water en op
het land. Ganzen en kikvorfchen hebben voe-
ten, de visfchen niet, cn elk hunner heeft eene
bijzondere geilalte.
Vader. Ziet gij derhalve wel, dat verfchei
dene dingert vele, maar geenzins alle, eigen
fchappen met eikanderen gemeen hebben< Maa
nu hebben ook Vele dingen, op meenige tij
den, en onder meenige omftandigheden, zeker