Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 25,26
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206275
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
j verklaring van woorden. i93
|was, zoo als karel dacht, ligt te raden; ,, Ver^
5, meerderen^'*'* zeide hij, „ is nog iets bij een
ij, ding voegen, en verminderen is iets daarvan
a;, wegnemen.'* — „ Welzoo zeide zijn va-
er. „ Geef mij toch uwe beurs eens hier. Ik
, wil uw geld, naar uwe befchrijving, vermcer-
i, deren; " Karel gaf den geldbuidel, en zijn
der ftak éenigë notendoppen daarin; Nu,
p, kaRel!" zeide hij lagehende, terwijl hij den
|)uidel wederom overgaf, j, nu heb ik uw geld
vermeerderdi Ik heb er iets bijgevoegd." —
O vader! gij boert! Geld hadt gij moetert ge-
ven;" — Ja," zeide zijn vader, „ daar-
in, van hek gij mij niets gezegd^ gij zeidei: flechts
I, in algemeene bewoordingen: „ v'ermeej^äeren
, ,5 is nog iets bij een ding voegen.""
Thands merkte karel wel , dat hij zich niet
uidlijk genoeg uitgedrukt had. Hij bedacht zich.
, Karel!" zeide zijn vader, „ als ik bij uw
, geld eenig koren voegde, zou ik het dan ver-
meerderen? öf wanneer ik iri eeii zak vol ko-
ren eenig geld ftak , zou ik dat koren dan
vermeerderen? Niet? Van welken aard moe-
ten dan de dingen zijri, waarmede ik het geld,
of het koren, zou kunnen vermeerderen?" —
Zie^ nü heb ik het," zeide kaRel: het
moeten ook dingen van zulk eeiie foort we-
I zen, als ik reeds heb." — „ Regt zoo. Het
,f! h btÊt; N mde-