Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 25,26
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206275
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
j VERKLARING VAN WOORDEN. 209
„ is de vrijmoedigheid eene deugd, of eene on^
deugd?" — Weet gij dï\n," fprak zijn va^-
der, „ waarin zij eigenlijk beftaat? " Dit wisti
karel niet. Toen verhaalde zijn vader hem.,
„ Zekere Raadsman van een Vorst werd eens doori
denzelven gevraagd, waarom hij, de Vorst,,
„ fteeds de pleidooijen verloor, die hij met Zijne.
,, onderdanen voerde? „ Daarom, genadigfte
3, ,, Heer!" andwoordde de Raadsman, „ om
„ „ dat gij ongelijk hebt." Zie, dat was vrij-
moedigheid. Wanneer gij eens aan eenig zeei
5, aanzienlijk man iets te zeggen hadt, dat hen
2,, onaangenaam was, niet waar ? dan zoudt gi
5, u daarop bedenken. Gij zoudt vreezen, da,
9, hij het euvel nemen, en gramftorig op u wor:
„ den mogt, Zoudt gij dan wel volkomen vrl
5, uitfpreken, zoo als jegens elk ander mensch
5, of zoudt gij 11, in uw gefprek, dwang aan
,, doen?" - ,, Ik zou vast niet geern zoi
,, geheel vrij uitfpreken, als tegen andere mem
fchen. Ik zou mij bedwingen, om mijne wooi
„ den-terug te houden." - ,, Maar zou da
dan vrijmoedigheid wezen?" vroeg zijn vade
verder; en het andwoord was. ,, Neen." -
Wanneer intusfchen de Raad, van wien ik
B9 verhjialde, door een gemeen burger gevraag
gj W^i'e, waarom hij al zijne pleidooijen v^rlooi
s^ ^n jie Raadsman hem even hetzelfde, als aa