Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 25,26
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206275
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
verklaring van woorden. 145
, dorp rijden willen, en even zoo fnel en lang-
, zaam, voordrijden, als zij thands doen, wie
J, zal er dan het eerfle aankomen? — Goed,
de koets, die fnel voordrijdt. — Waarop komt
het, derhalve, bij den langzamen en bij den
, fnellen aan ? — ,, Daarop," zeide karel,
of men veel dan weinig tijds noodig heeft."
Vochtige nat. — „ Mijne haren zijn door en
door vochtig ge vorden," zcide karel, toeu
ij des avonds van eene wandeling te huis kwam.
Zijn zij niet door en door nat?" vroeg hem
jn vader. „Neen," andwoordde karel, „nat
zijn zij op verre na niet." - Nu, wat is
dan het onderfcheid tusfclien nat cn vochtig? "
arel vond welhaast, dat het daarin gelegen
as, of een ding van eene of andere tochtig-
id veel dan weiniff bevatte.
Oud* — „ Wel oude knaap!" zeide ïtarels
der tot den hond, die bij zijn lijf opfirrong,
zijt gij dan altijd nog 200 vriendlijk?" —
Vader!" zeide frederik, „ waarom noemt
gij toch den hond oud?" — O,'' and-
)ordde karel, „ om dat de hond.....
ar ftond hij verlegen. „ Nu," zeide zijn va-
, „ wil het er niet uit? Welk denkbeeld
iccht gij aan het woord oud? Denk eens aan
. ü£EL. K ,, uwe
l