Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 25,26
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206275
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
IS4 VERHALEN.
riep de gevallene den anderen daglooner toe..
Ja," zeide deze, „ thands heb ik te arbci-
„ den, en mijn werk gaat voor, wacht, tot daf
„ ik hetzelve af heb." Wat denkt gij nu? Han-
tlelde die man wel regt? Zijn medgezel zou in
'degraft zijn verdronken, zoo hem geen ander had
gered, die er kort daarna voorbij ging, en hem.
in den modder hoorde gorgelen.
18.
Zeker fchoenmaker was een zoo dienstvaardig'
mensch, dat hij nooit aan iemand een dienstbe-
wijs, welk van hem gevorderd'werd , ontzeide..
Hij ging, op verzoek van zijne buren en beken-
den, nu eens herwaart, dan eens dervvaart. Hij
hielp hen, wanneer zij eenig kleen werk niet'
gereedlljk af konden krijgen. Hij hield hen ge-
zelfchap, wanneer zij eene uitfpanning nemen
wilden. Denkt gij niet, dat de menfchen hemi
heel lief zullen hebben gehad? Die liefde was^
evenwel zoo heel groot niet. ,, Hij is wel een
„ zeer dienstvaardig man!" zeiden zij, ,, matr
5, hij is evenwel een nar. Uit enkele gediens-
5, tigheid laat hij zijn handwerk drijven. Dus
„ verdient hij niets, en moeten zijne vrouw en
„ kinderen bijkans honger lijden." —^ Deden de
menfchen hem nu geen ongelijk?
ip.: