Boekgegevens
Titel: Tot streeling van het oog en voedsel voor het hart: leesboek voor jonge lieden van alle standen
Auteur: Swaan, Johan Samuel
Uitgave: Utrecht: O.J. van Paddenburg, 1813
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1129
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206147
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Tot streeling van het oog en voedsel voor het hart: leesboek voor jonge lieden van alle standen
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 23 )
waclu ons allen , en eene kist, aan die gelijk, die
«icli daar aan uw oog vertoont, zal ook onze
laatfte woning zijn. — Ja maar, hoe ver af,
zeggen jonge lieden, is nog de tijd, waar op die
woning voor ons beftemd zal zijn. Een vrolijk,
leven, een leven vol genot, lacht, bij bloeijendo
gezondheid, ons nog gedurende eene lange reeks
van jaren , aan. Het is waar, Jongeling ! volgens
den gewonen loop der natuur moogt gij een lang-
duriger leven te gemoet zien dan de Grijsaart,
dien gij met knikkende knieën en een gekromde«
rug het graf te gemoet ziet waggelen; zelfs daa
de man, dien gij nu in alle de kracht zijns levens
daar ziet; want hij zal dra in fterkte beginnen aC
te nemen; terwijl uwe kracht nog vermeerderen
moet. - Maar zijn de uitzonderingen op dezea
regel dan zeldzaam ? Ach ! hoe veelen uwer jeug-
dige broederen maaide de zeis des doods weg op-
het tijdftip, waar in hunne verwachtingen even
rechtmatig, even wel berekend waren, als de uw®
thans; op het tijdftip, waar in zij de vreugd hun-
ner ouderen uitmaakten, en de raaatfchappij zich
verheugde hen weldra onder hare nuttige leden te
tellen. Hoe groot is het aantal uwer broederen ,
die nooit den mannelijken ouderdom bereikten;
maar bij welken de levens bloeifem , nog eer zij tere
I vollen geopend was, het zij ongedacht, het zij
ilangzaam verwelkte. Ach! twee voorbeelden hier
van , volgden in de kleine ftad , die ik bewoon ,
bijna oogenbliklijk elkander op. Bij de juichende
jongelingfchap, die haren vlijt en de vorderingen
in talen en wetenfchappen gemaakt, belonen zag,
ontdekt mljfi oog 'er een , die zich over den hem
toegekenden prijs bijzonder verheugde, die alï
cenige zoon , het seiioegen zijner ouderen uitmaak-
te