Boekgegevens
Titel: Tot streeling van het oog en voedsel voor het hart: leesboek voor jonge lieden van alle standen
Auteur: Swaan, Johan Samuel
Uitgave: Utrecht: O.J. van Paddenburg, 1813
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1129
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206147
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Tot streeling van het oog en voedsel voor het hart: leesboek voor jonge lieden van alle standen
Vorige scan Volgende scanScanned page
Ï2 )
bevonden? Daarbij komt nog — is dan uw fland,
zoo geheel van genoegens, de hoogerc zoo geheel
vaii kwellingen beroofd? o geloof het toch; noch:
geluk; noch genoegens zijn verbonden aan uitwen-
dige oniflandigheden ; in eiken (tand kan men die ■
fmaken, in elk-en (land derven; al na dat ons hart
daar toe geflemd is. — De beste genoegens, di&
het meeste on^e natuur zihi aangemeten, kan ie-
der fmaken, van v/clken ftand hij zij; her zijn de
huislijke, die van Kind , Broeder, Echtgenoot,
Vader; de zaligheden te genieten, die deze be-
trekkingen ons verfcl-ï^iTen, is aan ieder vergund;
het genot van de fcboonheden der Natuur, die
daar in alle haren luister pralen, zoo wel voor den
bedelaar, als voor den Koning, is aan ieder ver-
gund. Ik zwijge van de zaligheden van den Gods-
dienst 5 die ons in God een Vader doen befchou-
iven, die ons dit leven doen aanmerken als flechts
een voorbereidenden toeHand voor eene betere
wereld. Uw Hand, welke zij ook zijn moge,
bevat ook toch genoegens haar bijzonder eigen;
want het is in de natuurlijke zoo wel als zedelijke
-wereld zoo gefield, dat tegen elk genoegen een onge-
3ioegcn en omgekeerd overftaat, — En hoe zeer be-
driegt ons de fchljn , omtrent die (landen, ciie boven
den onzen verheven zijn» Aan hoe vele zorgen zijn
Tang en rijkdom niet bloot gefield, die in de la-
gere flanden onbekend zijn? Iloe yeel moeite , hoe
^eel kommers, hoe veele flapelooze naX-hten, kost
het den voornamen man niet dikwijls den rang te
behouden, tot welken hij zich met moeite verhe-
ven heeft, — In welken flrijd brengt hem dit
niet dikwerf, met zijn geweten ? hoe veel onrust
treft den ryken niet, wanneer hij het nieuwsblad
in de hand neemt, waar iu hij misfchiQn lezen zal,
dti