Boekgegevens
Titel: Tot streeling van het oog en voedsel voor het hart: leesboek voor jonge lieden van alle standen
Auteur: Swaan, Johan Samuel
Uitgave: Utrecht: O.J. van Paddenburg, 1813
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1129
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206147
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Tot streeling van het oog en voedsel voor het hart: leesboek voor jonge lieden van alle standen
Vorige scan Volgende scanScanned page
( nö )
ona dnar begeeft, en alleen het geen wij tot
Veredeling van verftand en hart hebben bijgedra-
gen , ook daar voor ons waarde heeft, en ons
l3ijblijft. Vérbeel u dan u zeiven, daar overge-
bracht niet een hart, dat flechts gevoel heeft vooi*
zingenot, met e^n verltand , en verbeelding, ver-
llompt V-oor alle verhevener denkbeelden en vrucht-
baar alloeïi ora zich in minnelijke vermaken en dc
beste wijze, om tot derzelver genieting te gera-
ken, voor te Hellen* Ach, wat toch zoudt gij
Jaar verrichten? de zamenlcving dadr zoude niet
voor u, en gij/niet voor die zamenleving gefchikt
zijn. Dnar toch houdt men zich bezig met Gods
grootheid en goedheid meer in haren fehelen om-
vang te bewonderen, zoo veiTe gefchr ene wezens
die omvjïng vatten knnnen; mee hec meer vol-^
maa]:t beoefenen van clie deugden, waar toe hier
de kiemen in ons zijn gelegd , welke gij in hua-*
ne uitbotting' verflikt hebtin plaats Van die aan
te kweken'; dnnr gaat niïn kortom, voort, van
tennis tot kennis, vati kracht tot kracht, van
deugd tot deugd. 3Ver nu dan! bevorder zoo
veel in u is de ontluiking , van alle die goede be»
ginfelen, die gij in u gevoelten gij zult aan het
einde van uwen loopbaan, u een geluk befchoreii
iien, waar voor gij eigentlijk bellemd zijt, èii
die loopbaan moge kort of lang, geweest zijn;
gij moogt met geringe of meer gewichtige wedcr-
wp.ardigheden op denzelven liebben moeren wor-
Itelen; daar zult gij het erkennen, hoe belangrijk
u eljce opoffering was, die gij voor godsdienst
en deugd gedaan hebt, en de eeuwigheid u
die rijkelijk vergoeden, •