Boekgegevens
Titel: Tot streeling van het oog en voedsel voor het hart: leesboek voor jonge lieden van alle standen
Auteur: Swaan, Johan Samuel
Uitgave: Utrecht: O.J. van Paddenburg, 1813
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1129
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206147
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Tot streeling van het oog en voedsel voor het hart: leesboek voor jonge lieden van alle standen
Vorige scan Volgende scanScanned page
K 4 )
van de Voorzienigheid-, dat het hier de eigentlijk»
plaats van uw verblijf niet is; die dors; (hiervoor
ilaat ons Gods goedheid borg) zal eens voldaan
worden, maar hier —— op de aarde kan dit niet
aijn. Er moet dus eene andere plaats zijn, w««r
voor de mensch eigentlijk beftemd is. — Dat die
'er ook is, dit leert u uwen Bijbel, En dat deze
■waarheid fpreekt, bewijst u uw eigen aanzijn. Of
zouden zulke edele verftandelijke vermogens, als
gij bezit, die door befchaving tot zulk een hogen
trap kunnen gebracht worden; zulke voortreffelij-
ke zedelijke kragten waar mede gij voorzien zijt,
«n die door zelfsbedwang^ door n allei, wat on-
geoorloofd is, te ontzeggen, nog zoo veel kun-
nen verhoogd wordengefchikt zijn, om na eeni-
ge jaren in het ftof des doods te verkwijnen? Dit
zij verre. Niets in de Natuur wordt vernietigd,
cn gij, het edelst het voortrefiijkst kunstge-
wrocht van Gods hand op die aarde, zoudt dan
alleen aan de vernietiging worden ten prooi gege-
ven ? Neen ! de Wereld , en al wat zij begeerlijks
aan zich heeft, gaat voorbij ; maar die den wille
Cods doet, blijft in der eeuwigheid. - Wel nu
dan, lieve Jongefing! zoo daar uw Vaderland is,
moet ook alles, wat op dat Vaderland betrekking
Iieeft uw dierbaar zijn; moet gij u zoo gedragen
als het iema^ betaamt, die eens wenscht hetzel-
ve te bewonen; moet gij ja wel, alle die genoeg
gens fraaken, die de Voorzienigheid u zoo veele
hier op aarde fchenkt; want dit niette doen ware
ondankbaarheid; maar moet gij die zoo fmaken ,
dat gij er u niet te vast aan hecht en- dat zij u.
jiiet hinderlijk zijn in het ftreeven naar het hooge
doel, dat u te bereiken ftaat. Verbeel u een
i&ciziger die nvi eens iJing?' «ngebaande wegen,
daß