Boekgegevens
Titel: Poëzy
Serie: Klassiek letterkundig panthéon, no. 23
Auteur: Bilderdijk-Schweickhardt, Katharina Wilhelmina
Uitgave: Schiedam: Roelants, 1854
Oorspr. uit. 1820
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 563 F 47
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206139
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Poëzy
Vorige scan Volgende scanScanned page
— G2 -
Daar gy ten blijk van zijn herrijzing,
Den graffteen afgewenteld vondlï
Wie fchetst uw teder zielsverrukken
(Des fiervlings taal vermag het niet,)
Terwijl ge in 't fiddrend neèrwaartsbukkcn
Gods £nglen in die graflXeè ziet!
Bevoorrechte, ó wie fchetst dat fidderen ,
Die overltelping van uw ziel?
Van u, die 'teerst van Zijn aanbidderen
Herkennend aan Zijn voeten viel I
Toen zaagt ge, ja, den boei verbroken
Die 't kroost van Adam hield bekn( ld ;
Toen zaagt Gy *safgronds list gewroken;
De dood, in zegepraal geveld.
6 Zalig gy, die mocht aanfchouwen! —
Aanbidden mocht aan Jezus voet! —
Maar zalig ook, wien 'tllil vertrouwen
Het kruis bemoedigd lorfchen doel!
Maar zalig ook, die Hem verbeiden,
En danken Zijn verrijzenis
Dat, als de dood hier dwingt tot fcheiden,
Dat fcheiden niet voor eeuwig is!
Triomf! de keten Is verbroken
Die 'l kroost van Adam hield bekneld:
De list des afgronds is gewroken i
De dood, in zegepraal geveld!
Evander en Eone.
Romance,
«Kom Eone,
Lieve fchoone!
Spoed, ach fpoed, uw minnaar beidt!
Zie hem wachten.
En verfmachlen
In dezen aaklige eenzaamheid.