Boekgegevens
Titel: Poëzy
Serie: Klassiek letterkundig panthéon, no. 23
Auteur: Bilderdijk-Schweickhardt, Katharina Wilhelmina
Uitgave: Schiedam: Roelants, 1854
Oorspr. uit. 1820
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 563 F 47
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206139
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Poëzy
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 59 —
Morgen reeds zal d'avondwind
Op zijn grafjen waaien !
Heden zal de jonge bruid :
Voor het outer blozen :
Morgen flalt haar 't jeugdig bloed!
Weg zijn *8 levens rozen !
Smaak dan , ftervling, 'slevens heil
Dat ü God wil fchenken ,
Tot de dood die alles rooit,
TI ter rust zal wenken.
Laat geen zoete nachtegaal
Onbelulsterd zingen ;
Wekk' u *t Tchaapjen Of) tot vreugd
Door zijn dartiend fpringen !
Speelt eens op uw grafgefteent'
't Vrolijk weeldrig wichljen,
Dan verrukt de lach niet meer
Van zijn aangezichtjen.
Mag de blozende eglantier
*t Graf met bloeifem dekken,
*t Zal den üuimrer in het graf
Tot geen wellust ftrekkcn.
De avond ftort verwrikbren daauw
Op het gras der graven :
Maar die weldaad der natunr
Mag geen dooden laven.
H'I-ieflijk koelend windtjen zweeft
Langs de zerken henen;
Maar zijn adem fluiftert niet
Door de kerkhoffteenen.
Alles is voor hun te niet
Die in de aarde ruston :
Levens vreugde ging voorby
Met genot en lusten!
L'il het Hoogduitsch. 1815.