Boekgegevens
Titel: Poëzy
Serie: Klassiek letterkundig panthéon, no. 23
Auteur: Bilderdijk-Schweickhardt, Katharina Wilhelmina
Uitgave: Schiedam: Roelants, 1854
Oorspr. uit. 1820
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 563 F 47
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206139
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Gedichten (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Poëzy
Vorige scan Volgende scanScanned page
55 —
Het is geen uiterlijke fcliijn,
Die 's levens onontwijkbre pijn
Aan teedre boezems kan verzachten.
De balfem, die die heelkracht roemt,
Wordt niet gepuurt uit keurgebloemt',
Op Hybla of Hyraet ontfproten:
Des aardrijks mijn bevat hem niet;
Noch wordt hy ook in 't wijd gebied
Des rijken Oceaans beüoten.
Aan Rijkdom , Eer, noch Staat verknocht,
Wordt hy vergeefs van hem gezocht
Wien 't goud by ftroomen toe koomt Ichielcn,
Wanneer hem in het ijskoud hart
*t Geftapeld goud ten afgod werd,
Terwijl des armen tranen vlieten.
Op H zachte zwanendons geiXrekt, —
Met koslbre zijdftof overdekt,
By meer dan Morgenlandfche weelde, —
Aan d' overladen koningsdisch —
Ontbeert hy wat genieting Is,
Die nimmer met zijn broedren deelde 1
Weldadigheid , hel is uw hand
Die Edens hof op de aard verplant.
Die nektar uit zijn bloemenkelkcn
Den ftervling in den boezem flort.
Waar door de fmart gelenigd wordt
Die lust en leven doet verwelken.
De Rijkdom ftelt het hart niet vrij
Van 's Noodlots ftalen heerfehappy.
Wie voelt niet foms den boezem bloeden ?
6 Kent men dan geen ander goed
Dan rijkdoms machtlooze overvloed,
Wal zal ons dan het leed vergoeden ?
Maar, wat is*t, fchalten uitgedeeld?
Weldadigheid, der Godheid beeld,
Gy zijt iiet, die met teedre vingeren
Des kranken wond le heelen weet,
En, daar de lijder 't wee vergeet,
Hem zachte windfcls om te flingeren. —
6 Gy wien 't ftamelend gevoel....
(Ach, woorden zijn mijn ziel te koel,