Boekgegevens
Titel: Katechismus des Bijbels, dat is: Eene korte en duidelijke onderwijzing aangaande den inhoud der Heilige Schrift: ten gebruike voor de christelijke jeugd
Auteur: Krummacher, F.A.; Wolterbeek, J.L.
Uitgave: Amsterdam: Johannes van der Hey, 1814
Opmerking: Vert. van: Bibelkatechismus. - 1810
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 677 K 37
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206135
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: christelijke leer: algemeen, Theologie, godsdienstwetenschappen: godsdienstige opvoeding
Trefwoord: Catechismussen, Teksten (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Katechismus des Bijbels, dat is: Eene korte en duidelijke onderwijzing aangaande den inhoud der Heilige Schrift: ten gebruike voor de christelijke jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
Het Nkuve Testamenté.
77
Pilatus, anders een man van weinig godsdienst of
geweten, kon Jezus niet veroordeelen ondanks de
aanklagt van den hoogen raad, en van het volk. Hij
betuigde Jezus onfchuld meer dan eens, was dan eens
van, dan eens op zijnen regterftoel, zocht het dan og
dien, dan op eenen anderen boeg te wenden; wiescti
zijne handen, en riep: ,, Ik ben onfchuldig aan het
„ bloed dezes regtvaardigen!" —'Zoo moet aardfche
magt en grootheid zich buigen voor de hemelfche
kracht der onfchuld en der waarheid. — De hoog®
raad en het volk verfchijnen ons hier in den ftaat
van verharding als bloedgierige tijgers. — Zij vragen
genade voor Barrabas en over Jezus roepen zij ^
„ Izruis HemV — Pilatus en zijne gemalin erkennen
de onfchuld van Jezus, maar deze verblinde men-
fchen niet. —- Pilatus fpreekt tot hun geweien, door
de ftille in het oog vallende handeling der handen-
wasfchipg, maar vergeefs! — zij voelen wat het wilda
zeggen, maar zij trotferen die waarfchuwing. — Zij
roepen: „ zijn bloed kome over ons en onze kin-
,, deren !" — fchrikkelijke verloochening! — De
geesfeling moest het medelijden opwekken , maar
vruchteloos! alle menfchelijk gevoel was in hen ge-
ftorven! — Onder al dit getier ftond Jezus daar ge-
rust en ftil, zonder bitterheid of misnoegen. — Pi-
latus riep: ziet den mensch l^' Matth. XXVII: 15—3r.
Joann. XVIII: 3P, XIX: 16.
Jezus gekruisd.
50.
■Vrage. 'Waar werd Jezus thans^heen gevoerd?
Antw. Naar Qolgotha, eene geregtsplaats buiten
Jeruzalem, waar de van de Romeinen veroordeelde
taisdadigers te regt gefield werden.
V. "Welke ftraf moest Jezus ondergaan ?
A. De verachtejijkfle van allen, welke men alleen
db