Boekgegevens
Titel: Katechismus des Bijbels, dat is: Eene korte en duidelijke onderwijzing aangaande den inhoud der Heilige Schrift: ten gebruike voor de christelijke jeugd
Auteur: Krummacher, F.A.; Wolterbeek, J.L.
Uitgave: Amsterdam: Johannes van der Hey, 1814
Opmerking: Vert. van: Bibelkatechismus. - 1810
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 677 K 37
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206135
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: christelijke leer: algemeen, Theologie, godsdienstwetenschappen: godsdienstige opvoeding
Trefwoord: Catechismussen, Teksten (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Katechismus des Bijbels, dat is: Eene korte en duidelijke onderwijzing aangaande den inhoud der Heilige Schrift: ten gebruike voor de christelijke jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
♦2
TIERDB AFDEELING.
A. Als kostelijke woorden van vrome en wijze
ouders , die aan hunne kinderen den fchat hunner
ondem inding mededeelen.
Een wijze fpreuk in 't hart, bewaart voor rouw en
fmart. Een wijze fpreuk is als een vriend in gevaar.
De fpieuken van Salomo zijn als gouden appelen in
zilveren fchalen; zij zijn beter dan alle de rijkdo.mmen
van Saüomo. — Zij zijn de verklaring van Jezus ge-
legde: „Wees dan voorzigtig gelijk de jlangen, en op*
»» regt gflijk de duivenT I; I—15, III: 1—6,
IV—VI: 6-8, X: 9, XII: i-io, XIII: 5,20, XIV:
30, 3r, XV: 17, XVI: 18, 32. XVlh r, s, 10,
XIX: 17, XX: 17, XXIII: 29—34, XXIV: 30-32.
XXVIU: I, XXX: 8, 9, I7, XXXI: 10-31.)
De Prediker en het Boogeüed.
26.
Vrage. Wat leert het boek, hetwelk At Prediker
1?an Salomo genaamd wordt?
Antw,. Het leert ons de vergankelijkheid van alle
«ardfche en zigtbare dingen.
V. Met welk een oogmerk leert het ons dat?
A. Opdat de mensch zoude leeren te ftreven naar
liet rijk van God, hetwelk onzigtbaar en eeuwig is.
(2 Cor. IV: 18,3
V. Wie heeft dit boek vervaardigd?
A. Gelijk men meent, Salomo, in zijnen ouder-
dom. Anderen houden dit boek voor een gefprek
tusfchen een gezelfchap van wijze mannen, over de
ijdelheid der dingen.
V. Hoe moet men dit boek lezen?
A. Als of men een' grijsaard hoort fpreken, dia
■veel genotien en ondervonden heeft, ea nu vermaant
tot hemelüclie wijsheid.
V. Waar-»