Boekgegevens
Titel: Katechismus des Bijbels, dat is: Eene korte en duidelijke onderwijzing aangaande den inhoud der Heilige Schrift: ten gebruike voor de christelijke jeugd
Auteur: Krummacher, F.A.; Wolterbeek, J.L.
Uitgave: Amsterdam: Johannes van der Hey, 1814
Opmerking: Vert. van: Bibelkatechismus. - 1810
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 677 K 37
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206135
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: christelijke leer: algemeen, Theologie, godsdienstwetenschappen: godsdienstige opvoeding
Trefwoord: Catechismussen, Teksten (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Katechismus des Bijbels, dat is: Eene korte en duidelijke onderwijzing aangaande den inhoud der Heilige Schrift: ten gebruike voor de christelijke jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
Gefchiedhoeksn dis O. P'. 17
was een vroom jongeling; daarom gaf hem God
bijzondere wijsheid, zoo dat hij den koning van
Egypte eene toeitomende fchaarschheid en duurte
voorzeide. De koning maakte daarop Jofeph tot
zijnen eerden ftaatsdienaar, en liet hem in de vrucht-
bare jaren voor de jaren van fchaarschheid het koorn
opzamelen.
V. Zag Jofeph ook zijnen vader en zijne broe-
ders weder?
A. Ja, de fchaarschheid was niet alleen in Egyp-
te , maar ook in het land KanaSn, en van daar dat
Jakob zijne zonen naar Egypte zond, om koorn te
koopen. Jofeph kende zijne broeders, maar zij ken-
<len hem niet. Eindelijk maakte hij zich aan hen
bekend, en deed hun veel goeds. Hij liet ook
zijnen vader en zijne broeders naar Egypte kom.eii
met hunne flaven en kudde. De koning wees hun
het land Gozen aan, dat goede weiden had. Nti
woonden Jakob en zijne nakomelingen in Egypte,
£n werden een groot volk.
^Gen. XXIV-L.)
Eliezcr, het beeld van een'getrouwen braven dienst-
linegt. — Leugen en bedrog zijn fohsndelijk en heb-
ben flechte gevolgen; blijkbnrr \\\ Jakob, die zijnea
broeder Ezau den zegen en met dien zegen zijn va-
derlijk erfdeel ontroofde. — Jakob werd van zijne
kinderen bedrogen en bedroefd, even gelijk hij zijnea
vader bedrogen en bedroefd had: wie zijne ouderen
niet eert en lief heeft, ziet hier reeds de vergelding;
wij zien het; er is in de gefchiedenisfen der wereld
een goddelijk vergeldings-regt. — De gefchiedenis
teekent ons Gods wegen cn Gods regering; hij laat
onder vrij handelende menfchen het kwaad wel toe,
maar Hij weet het goed te maken en de onfchuld te
B red-