Boekgegevens
Titel: Katechismus des Bijbels, dat is: Eene korte en duidelijke onderwijzing aangaande den inhoud der Heilige Schrift: ten gebruike voor de christelijke jeugd
Auteur: Krummacher, F.A.; Wolterbeek, J.L.
Uitgave: Amsterdam: Johannes van der Hey, 1814
Opmerking: Vert. van: Bibelkatechismus. - 1810
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 677 K 37
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206135
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: christelijke leer: algemeen, Theologie, godsdienstwetenschappen: godsdienstige opvoeding
Trefwoord: Catechismussen, Teksten (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Katechismus des Bijbels, dat is: Eene korte en duidelijke onderwijzing aangaande den inhoud der Heilige Schrift: ten gebruike voor de christelijke jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
De Bijdel, ?
A. Zj is een verhaal van gebeurde merkwaar»
dige voorvallen.
V. Welke is dan in het algemeen de gefchiedenis
des Bijbels ?
A. Zij verhaalt de bijzondere fchikkingen van
God ter voorbereiding en grondvesting van een rijk
van waarheid onder de menfchen.
V. Welke gefchiedenisfen vervat het O. Verbond ?
A. Voornamelijk de gefchiedenis der Israëlitea
of Joden,
V. Waarom alleen de gefchiedenis van dit volk?
A. AVijl dit volk van God was uitverkoren, ooï
de grondwaarheden van het rijk van God tot des.
zelfs volkomene grondvesting te bewaren.
V. Welke zijn dan die grondwaarheden ?
A. Het geloof aan éin eenigen, ievendigen, dat
is a/tijd werkzamen God, den Schepper, Onder-
houder en Regeerder van het gansch H;elal, van
iiemel en van aarde.
V. Wat verhaalt het N. Verbond ?
A. De katnst van J. C. op de wereld, en de
volkomene grondvesting en uitbreiding van het rijk
van God op aarde,
V. Waarmede begint de gefchiedenis der H.
Schrift?
A. Met de fehepping der zigtbare wereld, der
aarde en der menfchen, of met den oorfprong van
het zigtbaar Gods-rijk.
V. En waarmede eindigt de H. Schrift?
A. Met de toezegging en befchrijving van het
onzigtbaar Gods-rijk in de andere wereld, waar
het licht over alle duisternis zil zegepralen.
V. Welk gevolg kan men daaruit afleiden?
A, Dat de ganl'che Bijbel, het O. en N. Ver.
A 4 bond