Boekgegevens
Titel: Katechismus des Bijbels, dat is: Eene korte en duidelijke onderwijzing aangaande den inhoud der Heilige Schrift: ten gebruike voor de christelijke jeugd
Auteur: Krummacher, F.A.; Wolterbeek, J.L.
Uitgave: Amsterdam: Johannes van der Hey, 1814
Opmerking: Vert. van: Bibelkatechismus. - 1810
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 677 K 37
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206135
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: christelijke leer: algemeen, Theologie, godsdienstwetenschappen: godsdienstige opvoeding
Trefwoord: Catechismussen, Teksten (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Katechismus des Bijbels, dat is: Eene korte en duidelijke onderwijzing aangaande den inhoud der Heilige Schrift: ten gebruike voor de christelijke jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
EERSTE AF DEELING.
A. Profeten, Evatigeiisien y apostelen of god-
tielijke Afgezanten en Leeraars.
De rede is het grootfte voorregt van den itiensch;
. zonder de léde zoude hem de Bijbel niets baten. —
Door de rede leert de mensch God en zijnen wil
kennen. — Gelijs het oo? het zi^tbare ontdekt, zoo
leert het vcrflanä het onzigtbare, het licht der waar-
heid kennen. — Als redelijk wezen heeft de mensch
ook een geweten; door het geweten heeft de mensch
een inwendig gevoel, en volkomene zekerheid van het
geen regt en onregt, goed en kwaad is. — Rede en
geweten zijn ook fteinaieu en openbaringen van God
aan de harten der menfchen ; maar door de zonde ver-
basterd, komt de rede ligtelijk op dwaalwegen, gelijk
bij de Heidenen: ook behoeft de zondige mensch meer,
dan de rede hem zeggen kan, en daarom gaf Gods
diefde aan den mensch nog in het bijzonder zijn
woord, zifne goddelijke openbaring.
iRom. 1: 19, 20; JI: 14, 15; Ps. CXIX: 105;
2 Pelr. 1: 19» « Tim. III: 15—17, enz,}
Vrage. Hoe wordt de heilige Schrift verdeeld?
Antw. In het Oude en Nieuwe Testament.
V. Wat beteekent het woord Testament ?
A. In het gemeene leven heet het een uilerjfs
wJ/; maar als er van den Bij'bel gefproken vvorüt,
beteekent het een verbond.
V. Wat is een ver bon dl
A. Wanneer twee ot' meer raenrchen zich verhin-
den, om elkander wederkeerig iets te doen of te be-
vijzen, dan maken zij een vtrbond.
V, Ceftaat er niet ook een verbond tusfchen Ou-
ders en Kincleren?
A. Ja,