Boekgegevens
Titel: Katechismus des Bijbels, dat is: Eene korte en duidelijke onderwijzing aangaande den inhoud der Heilige Schrift: ten gebruike voor de christelijke jeugd
Auteur: Krummacher, F.A.; Wolterbeek, J.L.
Uitgave: Amsterdam: Johannes van der Hey, 1814
Opmerking: Vert. van: Bibelkatechismus. - 1810
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 677 K 37
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206135
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: christelijke leer: algemeen, Theologie, godsdienstwetenschappen: godsdienstige opvoeding
Trefwoord: Catechismussen, Teksten (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Katechismus des Bijbels, dat is: Eene korte en duidelijke onderwijzing aangaande den inhoud der Heilige Schrift: ten gebruike voor de christelijke jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
122
ACHTSTE AFDEELING.
I; /
V. Wat droeg hij aan Titus op?
A. Hij moest voor de onderhouding der reine leer
van het Evangelie zorgen, goede en getrouwe Zeeraars
aanftellen, den dwaalleeraren moedig tegenliaan, en
den Christenen hunne pligten infcherpen.
V. Van welken aard waren deze dwaalleeraars?
A. Het waren zulken, die liet Christendom in
üitwendige plegtigheden en onthoudingen van fpijs
«n drank ftelden, en daarbij een flecht leven leidden.
V. Wat moest daarentegen Titus leeren ?
A. Dat de erkentenis der eenvoudige waarheid
van het Evangelie heiliging van hart en wandel moet
uitwerken.
V.Wat is dus de hoofdinhoud van dezen brief?
A. Hij toont ons aan, hoe eene Christelijke ge-
beente en derzelver leeraars. gefteld moeten zijn.
V. Wanneer fchreef Paulus dezen brief?
A. Waarfchijnlijk in het jaar 65.
De christelijke leer is belijdenis der waarheid, die
naar de godzaligheid is, in de hoop des eeuwigen
levens. Hoofdfl:. I: r —3. — Het doel des Ghristen-
doms is'heiliging en veredeling der menfchen. Hoofdtt.
II: II —14. — Deze moet zigtbaar zijn in allerlei
jaren en ftanden. Hoofdft. II: i —10, Hl: 1—3. —
Woordenvitterijen in den godsdienst zijn dwaas, maar
•werkzaamheid in het goede is de beftemming van den
Christen. Hoofdft. III: 8 en 9. —
Brief aan Philemon.
74-
Vrage. Wat is de inhoud van dezen kleinen
brief?
Antw. Hij behelst een vriendelijk verzoek des
Apostels , dat Philemon eenen hem ontloopenen
flaaf,