Boekgegevens
Titel: Gronden der natuurkunde, getrokken uit het Natuurkundig schoolboek
Serie: Stukken het schoolwezen betreffende, 10: 5
Auteur: Buijs, Johannes
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon
Deventer: J.H. de Lange
Groningen: J. Oomkens en zoon, 1818
Maatschappij tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Z 435 : 10 (5)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206108
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Gronden der natuurkunde, getrokken uit het Natuurkundig schoolboek
Vorige scan Volgende scanScanned page
natuuxkurbi; al
§. «9»
De Del/ßoffen zijn allen vist, behalve eenige
weinige druipende, zoo als kwikzilver en aardolie,
doch dragen duidelijk kenmerken, dat zij allen eerst
in eenen vloeibaren ftaat hebben beftaan; want het
is bewijsbaar, dat de tegenwoordige fteen- of rots«
achtige korst, waarmede onze aardbol thans als
omgroeid is, zoo disp wij dezen kennen, en dat
is voorzeker nog niet 55*55 gedeelte van zijnen halven
middellijn, in oen beginne, zelve vloeibaar moet ge-
weest zijn; en meer dan waarfchijnlijk is het, dat
deze ecrfte vloeibare ftof ook als een algemeen ont-
bindend vocht, de ftoffe der daarin nedergeplofte
delffl'ffen in zich op gelost bevat heeft: door deze
op elkander volgende nederploffingen en andere fchei-
kundige bewerkingen, zijn de verfchillende foorten
van berg- en aardlagen voortgeUragt, welke, tijd-
rekenkundig befchouwd, onder twee hoofdafdeelin*
gen kunnen gebragt worden, als:
A. Ten eerfte, eorfpronkdiike {primitive) welke
reeds voor de bewerktuigde fchepping, en
dus vóór ^e planten en dieren zijn gevormd.
S. Ten tweede, opvolgende (^fecundaire) welke
eerst, federt dat dieren en planten beftonden ,
ontftaan zijn.
De-
doen beftadn, in hft al of niet iunnen verandtrtn van
Jiandpluats i want men heeft planten, te weten onder
die > welke in het water groeijen, [6. f. het Eeudenkroos
{Lemna minor) en andere meer,) welie hare wortelen
niet in den grond vasthechten > maar los is het water
drijven > en op zekere tijden des jaars fan Jiandplaata
kunnen veranderen j ook zinken en weder rgzen i terwijl
Jchulp - en koraalUitran i niet van iclv* van piaate kan»
neti veranderen.
B j