Boekgegevens
Titel: Gronden der natuurkunde, getrokken uit het Natuurkundig schoolboek
Serie: Stukken het schoolwezen betreffende, 10: 5
Auteur: Buijs, Johannes
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon
Deventer: J.H. de Lange
Groningen: J. Oomkens en zoon, 1818
Maatschappij tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Z 435 : 10 (5)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206108
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Gronden der natuurkunde, getrokken uit het Natuurkundig schoolboek
Vorige scan Volgende scanScanned page
n a t u u r k u n d ï. Jgl
afflaod te zien, dan eens te veel, dan te weinig
licljt te gebruiken; niet alleen dat dit hinderlijk
is aan den regenboog des oogs, maar ook het
kristallijne vocht wordt daardoor zeer vermoeid:
want dit vocht heeft de eigenfchap, dat het ziel»
fchikt naar de voorwerpen , die men zien wil, «n
zich, door daartoe gefchikte fpieren, naar den af-
ftand der voorwerpen, voor en achterwaarts ver-
plaatst ; vandaar dat men niet terftond op eenen af.
ftand duidelijk zien kan, als men eenigen tijd van
nabij heeft gezien, door lezen, fchrijven of ander
werk vap dien aard,
S- 363.
Alhoewel de beelden m het oog, op het netvlies,
in eenen omgekeerden ftand worden afgebeeld,
(§,356.) zien wij dezelve echter regt. Hiervan
moet de reden allem gezocht worden in het begrip,
dat ons vermogen van waarnemen zich vormt van
de beelden , die de gezigtzenuw aandoen. Wij
zien immers altijd den grond, waarop de voorwer-
pen ftaM, onder de voorwerpen zelve, en het
doet er dus niets toe, hoe die voorwerpen afge-
beeld ftaan; het komt enkel op het begrip aan, dat
wij er vari maken: waiit bij iedere draaijing en be-
weging van het hoofd, verandert de ftand der beel-
den op het netvlies, zoodanig dat, wanneer men
?ich zoo fterk voqroyer bujgt, dat men de voorwerpen
tusfchen de bepnen door ziet, dg beelden der voor?
werpen als dan regt ftaan op het netvlies, en onder-
tusfchen verandert het denkbeeld, dat wij van het
zien derzelve maken, hoegeiiaamd njet ; alleen
zien wij ue beelden omgeljeefd, als derzelver ftand,
door middel van bolle glazen of holl» fpicgels,
zoodanig wordt veranderd, dat zij, in vergelijking
van andere voorwerpen, e«nei) tegengefteldei^ of om-