Boekgegevens
Titel: Gronden der natuurkunde, getrokken uit het Natuurkundig schoolboek
Serie: Stukken het schoolwezen betreffende, 10: 5
Auteur: Buijs, Johannes
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon
Deventer: J.H. de Lange
Groningen: J. Oomkens en zoon, 1818
Maatschappij tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Z 435 : 10 (5)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206108
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Gronden der natuurkunde, getrokken uit het Natuurkundig schoolboek
Vorige scan Volgende scanScanned page
natuurkunde. 10?
zich doof de ontvangene warmte uitzet, en door ver-
lies daarvan inkrimpt, dat is rijst en daalt. De eer-
ft« uitvinder daarvan was DREBBEL te Alkmaar,
en vervolgens fahrenheit te /Imflerdam, welke
het eerst denzelven aan eene bepaalde fchaal ver-
bond ; plaatfende zijn punt van groote koude, of
O graden, op de koude van een mengfel van ge-
ftampt ijs en fal ammoniak, ftellende het punt van
vorst op 32 graden, en dat van koken op 21a
graden; terwijl reaomur in Frankrijk, nagenoeg
te gelijker tijd, aldaar eene vaste fchaal verzon,
waarop o graden het vriespunt, en 80 graden het
punt van kokend water is. Thans bezigt men veel
honderddeelige Thermometers , waarvan het
vriespunt ook o, doch het punt van kokend
water zich op 100 graden bevindt.
(^P roef met het toonen van Thermometers.)
Elektriciteit.
$• 245.
De naam van Elektriciteit is ontleend van het
Griekfche woord Elektron, dat barnjleen betee.
kent, en dat wel, omdat thales van Milcte het
eerst, en reeds 600jaren voor onze Tijdrekening,
aan den barnjleen eigenfchappen ontdekte, welke
men naderhand gezien heeft, dat Elektrieke ftof
waren.
S' 246.
Dt.Elektrieke ftof bevindt zich, even als de
warmteftof, in alle ligchamen zonder onderfcheid;
doch zij vertoont zich niet dan wanueer, hoe
weinig ook, haar evenwigt verbroken wordt, en
kont niet in rust voordat haar evunwigt herfteld is.
S' 247.