Boekgegevens
Titel: Gronden der natuurkunde, getrokken uit het Natuurkundig schoolboek
Serie: Stukken het schoolwezen betreffende, 10: 5
Auteur: Buijs, Johannes
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en zoon
Deventer: J.H. de Lange
Groningen: J. Oomkens en zoon, 1818
Maatschappij tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Z 435 : 10 (5)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206108
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Gronden der natuurkunde, getrokken uit het Natuurkundig schoolboek
Vorige scan Volgende scanScanned page
natuurkunde. 10?
krachtig zijn moet, om te kunnen trillen, mair
om deze luchttrillingen te onderhouden, fomtijds
zelfs te verderken en over te brengen, zijn de
veerkrachtige ligchamen de beste.
$. 199.
Wanneer de lucht zeer dun en ijl is, zoo als
in de bovcngewesten van den dampkring , is
het geluid zoo flaauw, dat men elkander mc»
moeite kan verftaan.
(i'roc/, dat het geluid geheel ophsudt, van-
neer men de lucht onder üe klok eener lucht-
pomp zeer ijl maakt.")
S. aco.
Het geluid, of wel de mededeeling der lucht-
trillingen gaat voort, gemeenlijk in ééae feconde
van io8o tot 1038 voeten; voor en tegen wind,
.vaste en weeke gronden doen dit vermeerderen
of verminderen.
aoi.
Wanneer nu de lucbt Verdikt, verfterkt men de
trillingen en daarmede het geluid; zoo ook kaa
men het geluid verfterken door het bijeen verza-
melen van luchttrillingen, als door horens, dia
van voren wijde openingen hebben in de ooren
te plaatfen; zelfs vermeerdert men het geluid door
Hechts de holle hand achter de buitenranden der
ooren te plaatfen. Het geluid laat zich niet al-
leen voortleiden door het mededeelen der lucht-
trillingen aan veerkrachtige ligchamen, maar ook
voornamelijk dóór buizen van veerkrachtige ftofFen,
zoo als blik, enz. tot geleibuizen vervaardigd.
§. 202.
Het werktuig des gelioors , dat zich in
onze oorea bevindt, hellast uit dea uitwendigen
geho®rw9g, welke de buiienft« opening des
oors