Boekgegevens
Titel: Schets der oude aardrijkskunde: een leer- en handboek: [waar achter een uitvoerig register, ten einde hetzelve ook te doen dienen als een dagelijksch handboekje voor liefhebbers der geschiedenis
Auteur: Nassau, Hendrik Jan; Nitsch, P.F.A.; Mannert, Konrad
Uitgave: Groningen: J. Römelingh, 1819
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1394 D 48
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206101
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Schets der oude aardrijkskunde: een leer- en handboek: [waar achter een uitvoerig register, ten einde hetzelve ook te doen dienen als een dagelijksch handboekje voor liefhebbers der geschiedenis
Vorige scan Volgende scanScanned page
C 25 3
Corhio, en niet ver daar van daan, lag de berg
.^Igidus, die in de oorlogen der Romeinen met
de Aequers beroemd werd. De lucht was er
zeer koud, en de berg was met fchoone bas-
fchen overdekt.
E. Latium,
Grenzen. Men moet het oude Latium
van het nieuwe onderfcheiden. liet oude La-
tium llrekte zich van den Tiber toe aan de
Circejifche kaap uit, en werd ten N. door
den Anio en den Algidus bepaald; maar het
nieuwe liep van deze grenzen tot aan dc rivier
Liris voort. Het tegenwoordige Campagna di
Roma bevat nu het grootfte deel.
Rivieren. Tiber is. Deze rivier, vereeu-
wigd door het volk, dat op hare oevers ont-
ftond; ontfpriogtop het Apennijnfche gebergte, en
valt, beneden Rome, in de Toscaanfche Zee, na
dc Tinia, Clanis, Nar, Fabaris, Allia, Crc'
mera en Anio opgenomen te hebben. Hij
treedt dikwijls buiten zijne oevers, en hierdoor
is het water geel en troebel.
Anio (Teverowe), eene fnelvliotende rivier,
fcheidde Sabina van Latium.
Numicus, eene kleine rivier, die aan gene
zijde van Lavinium in zee valt. Hier verdronk
aene as.
Ufem (Portatore) ilroorade door de Ponti-
fche moerasfen.
Liris (Garigliano). Digt bij deze xivaer
bevinden zich de J^aludes Minturnenfes, ia
C wel-r