Boekgegevens
Titel: Nederduitsche spraakkunst
Auteur: Weiland, Pieter
Uitgave: Dordrecht: Blussé en Van Braam, 1820
Nieuwe door den auteur zelven overziene en verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 700 : 1820
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206030
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederduitsche spraakkunst
Vorige scan Volgende scanScanned page
220 (NEDERDUITSCHE
naamwoord met ziin voorzetsel bij zich, dan kor
men deze laatsten gewoonhjk achteraan: dat maakte
tenen diepen indruk op ome gemoederen. (*)
Worden daarbij tijd en plaats bepaald, dan kun-
nen dezen somwiflen voor-tnu staan: dat maakte,
in die oogcnbiikken. eenen diepen indruk enz.
Bijzonder, wanneer Ie doir hn werkwoord be-
heerschte naamval geen voorna imwot/rd bij zich
heeft; de uin-l tukte, voor drie dog^n, eenen hoorn
uit den ^tond', maar: de wmd tukte dezen boom,
voor drie dagen, uit den gtvnd. Ik vond, in Am-
sterdam, eenen ouden vriend; maar; ik vond onzen
vriend, in Amsterdam. Worden tijd en plaats te
gelijk genoemd, dan staat de tijd vooraan: ik
vond, voor drie dagen, in Amsterdam, eenen ouden
vriend.
§. 233. Heeft een werkwoord verscheidene zelf-
standige naamwoorden met hunne voorzetselen bij
zich, dan staat dat zelfstandige iiaamwoord het
laatste , hetwelk op het werkwoord de naaste be-
trekking heeft. Tijd en plaats gaan voor de ove-
rige beschrijvingen, en onder dezen de tijd voor
de plaats: hij trad, wt hoofde zijner onschuld, met
eén vrolijk gelaat, voor het gerigt. De ongevoe-
liga
(♦) Wanneer men dit en derpeHikc voorbeelden met zekere voeg-
woorden, (ifbi.iwt orden, begint, dan treedt het Werkwoord nchter-
san, aUj nttriha dat etmn diipea itidrui ef onze givteederen
mtahe. Doch dit wordt in liet vervolg $, ssj en verv. behandeld.