Boekgegevens
Titel: Nederduitsche spraakkunst
Auteur: Weiland, Pieter
Uitgave: Dordrecht: Blussé en Van Braam, 1820
Nieuwe door den auteur zelven overziene en verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 700 : 1820
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206030
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederduitsche spraakkunst
Vorige scan Volgende scanScanned page
SPRAAKKUNST. 389
iTiiis ik het geld reeds ontvangen heb; naardien deze
man mijn vriend is; wg>ha/ve ik daarop staat maak ;
vaarom hij zich op die zaak ijverig toelegt', alzoo de
tijd reeds verhopen was; zoo dat ik maar wil zeggen;
zoo dra als mijn broeder gekomen is enz. Tot de
laatste soort behooren opdat, ten einde, mits, en
ten zi<; wairvan de twee eersten een oogmerk aan-
duiden, welks bereiking altij^i eenjg'.ins onzeker is;
en de twee laat&ten, voorwaardelijk zijnde, het
voprsrel, waarbij /ij gevoegd worden, eenigzins
twijfelachtig maken, bij voorbeeld: ik zal hem hel-
pen , opdat hij zijn hillijk oogmerk mo^e bereiken;
de landman wenscht naar regen , ten einde zUn akker
bevochtigd en vruchtbaar worde-, ik wil hem gaarne,
afwac'^ten, mits hij niet voor morgen kome, indien
gij niet tevreden zijt, ten zij ik uwe laatste vraag
beantwoorde, zoo weet dan enz. (♦)
K. OVaa DE TUSSCHENWERPSELS.
214. De tusschenwerpsels drukken slechts enkele
gewaarwordingen uit, en behooren derhalve niet,
dan in eenen zeer ruimen zin, tot de eigenlijke
woorden. En daar alleen klare vootstellingeo on-
der elkander kunnen verbonden worden, en enkele
gewaarwordingen voor zulk eene verbinding niet
vatbaar zijn, zoo kunnen ook de tusschenwerpsels,
ei-
(•J Zie verder §. 136.
T