Boekgegevens
Titel: Nederduitsche spraakkunst
Auteur: Weiland, Pieter
Uitgave: Dordrecht: Blussé en Van Braam, 1820
Nieuwe door den auteur zelven overziene en verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 700 : 1820
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206030
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederduitsche spraakkunst
Vorige scan Volgende scanScanned page
SPRAAKKUNST. 527
§' 58. In eene ongelijke maat wordt aan de eene
zaak zekere eigenschap, in eenen meerderen of
minderen graad toegeschreven, dan aan de ande-
re; het welk door den vergrootenden trap met
het woordje dan, in plaats van als, geschiedt,
bij voorbeeld: sterker dan een paard', zoeter dan
honig', uw huis is graoter dan het mijne', ik ben
meer gedachtig aan die zaak, dan gij', dat ver-
haal is minder waar, dan men oppervlakkig wel
zou denken', de beek vliet hier met een aangenamer
geruisch, dan daar enz. (♦).
59' De overtrelFende trap heeft den tweeden
naamval der zelfstandige naamwoorden, of een
der voorzetselen van, onder en uit bij zich, als:
de rijkste inwoner der stad-, de geleerdste onder de
mensehen', de aanzienlijkste uit de buurt.
§. 60. Moet de beteekenis van een bijvoegelijk
naamwoord nader bepaald worden, dan geschiedt
dit door een bijwoord, als: eene zacht rutschende
beek; — een zeer groot huis (f). Wanneer men
dit bijwoord voor een bijvoegelijk naamwoord
verwisselde, zou men dikwerf geheel iets an-
ders zeggen, dan men bedoelde. Immers, de
onbekend reizende vorst verschilt veel van de on.
lekende reizende vorst. En eene buitengewoon groo.
te som is iets anders, dan eene buitengewone groo-
te som.
(*) Zie ook 61., de aanteekenine.
(1) Zie L. TEN KATE, Aanleiding enz. D, I,, M. 383.
P i