Boekgegevens
Titel: Nederduitsche spraakkunst
Auteur: Weiland, Pieter
Uitgave: Dordrecht: Blussé en Van Braam, 1820
Nieuwe door den auteur zelven overziene en verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 700 : 1820
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206030
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederduitsche spraakkunst
Vorige scan Volgende scanScanned page
138 nede rduitsche
r. OVER DE KLEINERE REDEDEitLEN.
I. Over äe telwoorden.
§. 395. Om de hoeveelheid der enkele dingen,
van welke gesproken wordt, uit te drukken, die-
nen de telwoorden. Deze hoeveelheid kan op
tweederlei wijs aangeduid worden, of bepaaldelijk
met uitdrukking van het juiste getal der enkele
dingen, of algemeen, zonder bepaling van het
getal. Het eerste geschiedt door de hoofd- of
grondgetallen, en het andere door zekere alge-
meene telwoorden.
§. 3»6. De hoofd- of grondgetallen zijn deels
wortelwoorden , deels afgeleide , deels zamenge-
«telde woorden. Wortelwoorden zijn: een, twee,
drie, vier, vijf, zes, zeven, acht, negen, tien;
afgeleide, welke, door middel van den uitgang
tig, van de boven genoemde wortelwoorden afge-
leid zijn: twintig, dertig, veertig, vijftig, zestig,
zeventig, tachtig, negentig , ook honderd en duizend;
zamengestelde: elf, twaalf, dertien, veertien,vijf-
tien, zestien, zeventien , achttien en negentien. Met
deze telwoorden, welke den naam van bepaalde
telwoorden dragen, kunnen alle mogelijke getallen
uitgedrukt worden.
327. Wanneer bepaalde getallen met woor-
den uitgedrukt worden, dan geschiedt zulks op de
volgende wijs. i. Van dertien tot honderd wordt
het kleinere getal vooraan geplaatst, en wel zoo,
dat