Boekgegevens
Titel: Nederduitsche spraakkunst
Auteur: Weiland, Pieter
Uitgave: Dordrecht: Blussé en Van Braam, 1820
Nieuwe door den auteur zelven overziene en verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 700 : 1820
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_206030
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederduitsche spraakkunst
Vorige scan Volgende scanScanned page
■■J ;
SPRAAKKUNST. lap
standige naamwoorden afgeleid, waarvaji wederom
gelijkvloeijende werkwoorden gevormd worden. Zoo.
komt, liij voorbeeld, ons woord krijgen (krijg
voeren), krtigJe, gekrifgd, van het ztil'srandige
naamwoord krijg, en dit van het ongelijkvloeijen- fj
de krijgen, kreeg, gekregen. Even zoo komt ons l|
singen, slaagde, geslaagd, vau slag, en dit van
slaan (oulings slagen), sloeg, geslagen (♦).
§. atp. Eindelijk muet hierbij nog, als een al-
gemeene regel, aangemerkt worden, dat de werk-
woorden, welke van naamwoorden afgeleid wor-
den, geliikvloeijend zijn, als: tafelen, tafelde, ge-
tafeld, van tatel', — pennen, pende, gepend, van
pen; — herbergen, herbergde, geherbergd, van her-
berg; — bevlijtigen, bevlitliiide, bevHjtig-i, van
vlijtig; — verwelkomen, verwelkomde, verwelkomd;
van welkom enz.
a6o. Onregelmatig» werkwoorden zijn die,
welke van de genoemde soorten, in een of ander
opzigt, afwijken, en wel, die, in de onbepaalde
wijs, niet op en, maar op n, uitgaan, als: slaan
(oudtijds slagen), sloeg, geslagen', of die noch in
de onbepaalde wijs, noch in het verledene deel-
woord, en, maar in beide n hebben, als: gaan
Coudtijds gangen), ging, gegaan (oudtijds gegan-
gen), staan, oudtijds standen), stond, gestaan
(oudtijds geitandcn), doen (oudtijds daden), deed^
gedaan (oudtijds gedaden) , zitn, zag, gezien.
S.
Q') t. TEN KAT«, D. II, , bl. i6 ea vtrv.
i