Boekgegevens
Titel: Zielleer voor kinderen
Auteur: Siebeck, August David Heinrich; Martens, M.
Uitgave: Franeker: G. Ypma, 1823-1825 *
Opmerking: Vert. van: Seelenlehre für Kinder. - 1822
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 670 B 3
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205981
Onderwerp: Filosofie: filosofische antropologie, filosofische psychologie
Trefwoord: Filosofie van de geest, Leergesprekken, Kinderboeken (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Zielleer voor kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
66 , ZIELLEER.
Wie, bij voorlieeld, vele sterke drankeil Mi
specerijen gebruikt, vindt lekkei-e spijzen niet
aangenaam voor het verhemelte.
Zijn daarom de kersen znur, om dat zij u^
ha het eeten van honig, toeschijnen dien smaak
te hebben?
L. Neen.
■ O. Dus klagen oude lieden, dat de zomer
niet zoo warm is, als in hunne jonkheid. De
tarde handen van den daglooner gevoelen de
scherpte en de punt van een pennemes, en de
•hilte van het \aiur, niet zoodanig als menschen,
welke teeder zijn opgevoed, en zich met geen
iinder dan fijn werk bezig houden.
Wolk zintuig wordt daardoor misleid?
L. Het zintnig des gevoels.
O. Wie, bij voorbeeld, ziek is aan de geel-"
zucht, dien schijnen alle de omringende voor-
Vverpen eene gele kleur te hebben.
Onder welke kleiur verschijnen n de voorwer-
j)on, die gij daar op eenen zeer verren afstand
ziet?
L. Onder eene donkei-e kleur.
O. Kunt gij daarom beweren, dat deze voor^
wes-pen wezenlijk eene donkere kleur hebben?
L. Neen.