Boekgegevens
Titel: Zielleer voor kinderen
Auteur: Siebeck, August David Heinrich; Martens, M.
Uitgave: Franeker: G. Ypma, 1823-1825 *
Opmerking: Vert. van: Seelenlehre für Kinder. - 1822
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 670 B 3
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205981
Onderwerp: Filosofie: filosofische antropologie, filosofische psychologie
Trefwoord: Filosofie van de geest, Leergesprekken, Kinderboeken (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Zielleer voor kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
28 ZIEL LEER.
O. Van Jerzelver fijnheid kunt gij lot de
fijnheid van dit zintnig besluiten. Gij weet, dat
menschen, die in llaauwte gevallen zijn,
door sterke geestrijke uitwaseming weder hersteld
Worden; dat kwade daiiij^en flaauwte te weeg
brengen. De reuk is dikwijls voor meuschen en
dieren een veilige gids.
Maar het oog heeft immers ook de geschikt-
heid, om dampen waar te nemen? — Ik zie den
daxnp, dien de hitte uit gebraad, soep, kokend
water enz. drijft. In dit geval kunnen wij de
reuk wel ontberen.
L. Neen! want wij vernemen langs dien
weg niet, of de uitwaseming zout, zuur, zoet,
bitter, of in eenen slaat van bederf is.
O. Waardoor kunnen wij eeniglijk de eigen-
schappen der uitwaseming waai'uemen?
L. Door de reiik.
O. Ofschoon gij de aangename geur van de
roos, het viooltje, de oraujeboomen, de bloei-
'jende linde ook niet kimt zien, waardoor ver-
neemt gij dan toch evenwel, dat gij in de na-
bijheid dezer gewassen zijt?
L. Door den reuk
O. Op deze \vijze zien wij het dier, dat
jreeds tot verrotting overgaat, dikwijls niet, en