Boekgegevens
Titel: Zielleer voor kinderen
Auteur: Siebeck, August David Heinrich; Martens, M.
Uitgave: Franeker: G. Ypma, 1823-1825 *
Opmerking: Vert. van: Seelenlehre für Kinder. - 1822
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 670 B 3
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205981
Onderwerp: Filosofie: filosofische antropologie, filosofische psychologie
Trefwoord: Filosofie van de geest, Leergesprekken, Kinderboeken (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Zielleer voor kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
TWEEDE GESPREK. 45
L, Eenen toon, eenen klank.
O. Herinnert gij u nog uit het onderwijs in
do natiiurknnde, waardoor het geluid, de toon,
of klank, in het oor komt?
L. Door de lucht.
O. Dat gij mijne vraag hoort, hebt gij niet
aan het oog, maar aan het oor te danken; maar
ook aan de lucht, welke in dit vertrek is.
Zonder het gehoor zouden wij elkandar onze
gedachten alléén schriftelijk kumien mededeelen.
De smeltende toon der harmonika, de fluitende
stem van dan nachtegaal, de betooverende har-
monie der akkooi'den, het zielverheffend gezang
van den mensch, vol gevoel en uitdrakking,
zijne bekwaamheid in de veelsoortige instrumentale
muzijk, zouden wij zonder het gehoor niet
kennen! — Bekoort ons het opgaan der zon,
dan wordt dit genoegen nog meer verhoogd,
door het vrolijk morgenlied van den leeuwerik.
Verblijdt n het gezigt uwer ouderen, gij wordt
nog weltevredener door de vriendelijke woor-
den, waarmede zij u van hunne liefde en te-
vredenheid verzekeren.
Ook dit zitituig is rijk hi ontelbare genoegens,'
welke hetzelve uit natuur en konst put. Het-
zelve bepaalt zich niet eeniglijk tot dierlijke