Boekgegevens
Titel: Eerste voorbeelden ter zangoefening
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Rotterdam: Mensing en Van Westreenen, 1820 *
Opmerking: Bevat ook, met eigen paginering: Versjes behoorende bij de Eenvoudige voorbeelden ter zangoefening
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 H 9
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205974
Onderwerp: Theaterwetenschap, muziekwetenschap: vocale muziek
Trefwoord: Zingen, Muziekwerken (vorm), Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste voorbeelden ter zangoefening
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 10 —
I
' Hier bij der vooglen vreugde klanken,
f Zingt men des scheppers goedheid, blij;
I
■ Ja.! wat men voelt om God te danken,
Zegt ons geen taal, hoe rijk die zij.
6.
O, altoos weldoend Opperwezen!
Dat nooit mijn hart voor u verkoud'!
Een dankbre ziel, die u wil vreezen,
Geldt bij u meer, dan 't blinkendst goud.
LIED EENS TERGEN OEGDEN.
No. XI.
1.
Ik ben vernoegd! met blijden toon.
Verkondigt dit mijn hed!
En menig man met schat, en kroon.
En schepter is het niet.
En is hij 't al, wat schaadt het mij?
Ik ben het toch zoo wel als hij!
2.
'k Verlang geen vorstelijken stoet,
Hoe zeer die schittren moog;
Geen overwinnaars kracht, noch moed.
Geen zuil noch eereboog. —
De kalme rust, de zaalge vree.
Die zyn alleen miju wensch en beè.