Boekgegevens
Titel: Eerste voorbeelden ter zangoefening
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Rotterdam: Mensing en Van Westreenen, 1820 *
Opmerking: Bevat ook, met eigen paginering: Versjes behoorende bij de Eenvoudige voorbeelden ter zangoefening
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 H 9
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205974
Onderwerp: Theaterwetenschap, muziekwetenschap: vocale muziek
Trefwoord: Zingen, Muziekwerken (vorm), Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste voorbeelden ter zangoefening
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 9 —
II.
Dan werk ifc 's morgens vreer met Inst
Gelijk een naarstig man j
Ik werk zoo lang voor vrouw en kind,
Al» ik slechts werken kan.
MORGENLIED p e s L A N D M A N S,
No. X.
i,
Daar is de dag weer aange\'angen,
Daar glanst het heflijk morgenrood!
Nu zing ik vrolijk mijn gezangen.
En eet verheugd mgn morgenbrood,
:De hemel prijkt, wien zou 't niet lusten
Te zien, die luistervolle pracht?
Schoon nog de Stad-bewoners rusten,'
Als in het midden van den nacht.
3.
I Geen steeman ziet dien vroegen luister,'
Daar hem de slaap gevangen houdt;
Hem streelt niet, na het nachüijk duister,'
Het schoon, het heerhjk morgengoud.
4.
O, wist men toch eens in de steden,'
Hoe zoet de heldre morgen smaakt!
Wanneer het hart, steeds weltevreden,
•Voor God in dankbre liefde blaakt!