Boekgegevens
Titel: Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Auteur: Dolz, Johann Christian
Uitgave: Zutphen: H.C.A. Thieme, 1820
Opmerking: Vert. van : Anstandslehre für die Jugend
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1024 G 33
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205973
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 90 )
^oede mensch, nooit voor de zijne aannemen.
Maar ook bij geoorloofde, niet onwelvoege-
lijke modes, zal hij de noodige acht geven
op de gezondheid, zijn vermogen en zijnen
burgerlijken stand. Wie in zijne kleeding
geheel en al niet op de mode ziet, is een
•zonderling; wie echter elke nieuwe mode,
die zich door geene merkelijke voordeelen
van de vroegere onderscheidt, het eerst na-
volgt, is een modegek- De natuurlijkste
modes zijn het alleen, die, door beschaafde
lieden, het meest begunstigd worden.
„ Gevoel voor edele eenvoudigheid, af-
schuw van het onnatuurlijke, is een zeker
■kenteekcn van goeden smaak. Goede
smaak is ontwenning van alle hoegenaamd«
liflaf,"
Met betrekking tot de kleeding leert Ons
de voorzigtigheid ^ dat men geene geleende
kleedingstukken van zulke personen drage,
van wier gezondheid men niet zeer zekei'
overtuigd is. De welvoegelijkheid maakt het
jongen lieden tot pligt zich terstond na het
opstaan, zindelijk en ordelyk aan tekleeden,
en