Boekgegevens
Titel: Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Auteur: Dolz, Johann Christian
Uitgave: Zutphen: H.C.A. Thieme, 1820
Opmerking: Vert. van : Anstandslehre für die Jugend
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1024 G 33
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205973
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 78 )
beid van geest, vrolijkheid of droefheid,
zich in onzen oogslag vertoone, hangt niet
van onze willekeur af. Hevige rampen kun-
nen ook den blik der jeugd somber maken;
maar, over het algemeen, kan men een don-
ker, pruilend, afschrikkend, gelaat, onmo-
gelijk in een jeugdig oog natuurlijk vinden.
Natuurlijk is alleen dat gelaat, hetwelk tel-
kens met den toestand des gemoeds, die bij
ons plaats grijpt, overeenkomt. Maar ook
anders goede menschen gewennen, of liever
verwennen , zich soms tot enkele onwelvoe-
gelijkheden in hunne gebaren, die ligtelijk
aanleiding konden geven tot een verkeerd
besluit ten aanzien der gesteldheid van hun
hart. Niet, om kleine huichelaars te vor-
men, maar om reeds vroeg, in dit opzigt,
gebrekkige aanwensels te keer te gaan,
maakt men dikwijls, reeds in de eerste le-
vensjaren, de-jeugd op de welvoegelijkheid
in de gèbaren opmerkzaam; want het ge-
teurt vaak, dat men, zelfs met het beste
l»art, door onwelvoegelijke gebaren, onaSn-
genaaw-is.
Voor