Boekgegevens
Titel: Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Auteur: Dolz, Johann Christian
Uitgave: Zutphen: H.C.A. Thieme, 1820
Opmerking: Vert. van : Anstandslehre für die Jugend
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1024 G 33
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205973
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 75 )
dat 'men het hem, die de buiging maakt,
aanzien kan, dat hij zich de hiertoe behoo-
rende regelen angstvallig herinnert.
Opg, i) Welke omstandigheden kun-
nen er wel, in het gesprek met anderen,
zijn, in welke eene buiging te pas komt?
2) Indien aan de buiging de benaming
van compliment niet toekomt; wat heeft
men dan wel onder die vreemde uitdruk-
king te verstaan?


WchocgcUjkheid ten aanzien van de hoit'
ding van enkele deelen des ligchaams.
Gelijk er, voor de houding des ligchaams
in het algemeen en in bgzondere omstandig-
heden , regelen zijn, zoo hebben ook de re-
gelen van welvoegelijkheid, hunne toepassing
op de houding van enkele deelen des lig-
chaams en op de zoogenoemde gebaren.'
D 3
Wel.