Boekgegevens
Titel: Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Auteur: Dolz, Johann Christian
Uitgave: Zutphen: H.C.A. Thieme, 1820
Opmerking: Vert. van : Anstandslehre für die Jugend
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1024 G 33
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205973
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Vorige scan Volgende scanScanned page
( <^5 >
natuurlijkste;, want. bij dezelve heeft het lig-
chaam het vereischte evenwigt. Door ge-
woonte wordt zy ons natuurlijk, en verliest
dan allen schijn van het stijve of onnatuur-
lijke, vooral wanneer men niet onverander-
lijk in dezelve blijft staan, maar dezelve ge-
makkelijk en ongedwongen weet af te wis-
selen. Want die eenen geruimen tijd on-
veranderd in eene en de zelfde houding wil-
de blijven staan, zoude naar een standbeeld
gelijken. De plegtigc houding, bij voorb.
bij het gemeenschappTelyk gebed in gods-
dienstige vergaderingen is iets voorwaarts
gebogen en zoo veel mogelijk onveranderd.
Dat men daarbij alle geraas en omzien te
vermijden hebl)e, vordert reeds de waardig-
' heid der godsdienstige aandacht. De overige
wenken, welke men aangaande de houding
des ligchaams hier verwachten kan, kunnen
zich alleen tot waarschuwingen tegen grove
kwetsingen der welvoegelijkheid en tegen ^
zoogenaamde in het oog loopende zonder-
lingheden bepalen. De welvoegelijkheid
wordt gekwetst door schaamtelooze houdin-
gen ,