Boekgegevens
Titel: Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Auteur: Dolz, Johann Christian
Uitgave: Zutphen: H.C.A. Thieme, 1820
Opmerking: Vert. van : Anstandslehre für die Jugend
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1024 G 33
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205973
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Vorige scan Volgende scanScanned page
( >5 )
schoon deze kleinigheid, wat de welvoege-
lijkheid betreft, geenszins onverschillig is.
Opg. i) Is het al of niet betamelijk,
dat kinders hunnen vader of hunne moe-
der met Jij toespreken ? Of waarop komt
het, in hei beantwoorden dezer vraag,
hoofdzakelijk aan?
2) Wanneer men op de mecning ziet,
met welke het een of ander gedaan wordt,
is er dan wel eenige daad, die zedelijk
onverschillig, of zoodanig, is, dat men
ze voor regt noch voor onregt, voor ze-
delijk goed., noch voor zedelijk slecht,
hoirden kunne? '
§. 17.
Waardij en noodzakelijkheid van een veU-
voege lijk en voorzigtig gedrag.
, Hoezeer het, ora verscheidene redenen,
iniet te wenschen ware, dat de heerschende
.toon der zoogenaamde groote wereld in de
.huisselljke kringea van den middelstand zija
. bur-