Boekgegevens
Titel: Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Auteur: Dolz, Johann Christian
Uitgave: Zutphen: H.C.A. Thieme, 1820
Opmerking: Vert. van : Anstandslehre für die Jugend
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1024 G 33
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205973
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 43 )
waarom zij ook wel Zedelijkheid (§.12.)
genoemd wordt. Datgene, wat de Romeinen
lirbanitas (i\xh3xiïttit, hoiFelijkheid,) noem-
den, was ook niet anders dan een uitwen-
dig, goede zeden aanduidend, gedrag, en be-
hoorde, even als de zedelijkheid zelve, tot
de humaniias (humaniteit, dat is, een ge-
drag , zoodanig als men het van elk eenen,
die, in den edelen zin van het woord,
mensch is, te verwachten heeft); en waar
de brutalitas (brutaliteit, beestachtige onbe-
schaafdheid) tegenover staat. Zoo geven
wij, bij voorbeeld, door de welvoegelijke
houding des ligchaams, te kennen, dar wij
niet alleen achting voor ons eigen ligchaam,
maar ook jegens anderen hebben. Zoo zijn
onderscheidené regelen voor de welvoegelijk-
heid en voorzigtigheid gegrond in de voor-
schriften van pligt: vermijd alles, wat het
genoegen van anderen kau storen; wees hun
veeleer tot de genieting van onschuldige ver-
maken behulpzaam; duld hunne zwakheden
met toegevendheid en verschooning; acht
hunne voortrefFclijkheden, enz. In dit op-
zigt