Boekgegevens
Titel: Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Auteur: Dolz, Johann Christian
Uitgave: Zutphen: H.C.A. Thieme, 1820
Opmerking: Vert. van : Anstandslehre für die Jugend
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1024 G 33
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205973
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Vorige scan Volgende scanScanned page
C 29 )
§. II.
Veredeling van het hert,
5) Een veredeld hart is niet minder eene
noodzakelijke voorwaarde tot een vvelvoege-
lijk gedrag. Dit is de grondslag der inner-
lijke welvoegelijldieid, die zich. door de ui-
terlijke moet openbaren, cn welk men der-
halve, niet zonder grond, de uitdrukking
van de achting genoemd heeft, welke de?
mensch voor zich zeiven en voor anderen
hebben moet. Den zedelijk-beschaafden
mensch zal de deugdzaamheid van zijn hart
in vele gevallen voor het kwetsen van dc.
'Welvoegelijkheidsregelen bewaren. Tea min-
ste zal hij niet zoo ligt die regelen der wel-
voegelijkheid overtreden, welke, geheel en al
overeenstemmende met de vorderingen van
onzen pligt, ons voorschrijven het geoor-
loofde vergenoegen van anderen niet te sto-
ren, maar veeleer zoo veel mogelijk te be-
vorderen. De achting, van welke zijn hart,:
.. ' B 3 voor