Boekgegevens
Titel: Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Auteur: Dolz, Johann Christian
Uitgave: Zutphen: H.C.A. Thieme, 1820
Opmerking: Vert. van : Anstandslehre für die Jugend
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1024 G 33
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205973
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Vorige scan Volgende scanScanned page
. C 233 ) ^ ^
of onwelvoegelijk oordeel over diegenen te
veroorlooven, die misschien in hunne jongere
jaren hierop niet oplettend gemaakt, of wei-
nig gelegenheid gehad hebbende, om in groo-
te beschaafde gezelschappen te zijn g e
de. regelen van deze welvoegelijkheid min of
meer feilen. Wie is er geheel zeker van dat
Jiij, ook bij den besten wil, niet hier en
daar eene onwelvoegelijkheid begaan kunne?
Des naasten fout wilt gij
Niet gaarne liefderijk bedekken?
, En denkt gij niet,"dat zy
Ook u voor hunne vierschaar trekken?
Wij zijn. geloof het mij
Ons zelvcn te nabij
Om, zelve, ons eigen zelf te ontdekken.
Eindelijk moeten wij nooit vergeten, dat
de uitwendige welvoegelijkheid slechts dan
eene cchtc waarde hebbe, wanneer zij zich
door ons gevoel voor het ware, goede, en
schoone uit, of, wanneer zij de uitdrukking
is van de innerlijke welvoegelijkheid, die in
het heiligdom eener schoone ziel hare woon-
plaats heeft.