Boekgegevens
Titel: Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Auteur: Dolz, Johann Christian
Uitgave: Zutphen: H.C.A. Thieme, 1820
Opmerking: Vert. van : Anstandslehre für die Jugend
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1024 G 33
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205973
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Vorige scan Volgende scanScanned page
C ^sO
ketinis te hebben< Zelfs ivat de aldaar
iiiccr of min geldende muntsoorten betreft,
hiervan trachte men zich vóóraf de noodige
kennis te rerschaffen. Men voorzie zich van
eenen pas; bij verre reizen ook van gereed-
schappen , wier gebruik onder weg eenslclai"«
noodig kan zijn, bij voorb. met messen,
naalden, touwen, vuurslag, enz. Men geve
acht op het reistuig; men doe de lieden,.
welke men zijne goederen naar de herberg of
elders dragen laat, voor zich uitgaan; men
lette op de straat en het nommer van het
verblijf; men doe zich bij dag de plaats aan-
wijzen, van Welke men zich misschien, bij
eenen dringenden overlast, des nachts zoude
moeten bedienen; men weze bedachtzaam in
het spreken met onbekenden.
§. 7Ö.
Besluip.
Hun, die deze kleine aanwijzing tot een
welvoegelijk gedrag met oplettendheid door»
gelezen, en de daarin gegevene wenken ver-
der