Boekgegevens
Titel: Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Auteur: Dolz, Johann Christian
Uitgave: Zutphen: H.C.A. Thieme, 1820
Opmerking: Vert. van : Anstandslehre für die Jugend
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1024 G 33
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205973
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Vorige scan Volgende scanScanned page
'C 214 )
wantöonig lezen moeten aanhooren, een on-
aangenaam gevoel verwekt. Wie deze on-
aangen:ime jndriikken, bij bet lezen Z09 wei
als bij het schrijven, vermijden wil, moet
voor alle dingen, de gebreken van eene,
door den dagelijkschen omgang met verkeerd
sprekende menschen, bijna van ons eerste
levensjaar af, verdorvene uitspraak zoeken te
verbeteren. Deze gebreken zijn: onduidc'
njkheid, verkeerde uitspraak, eentoonig-
htid en wantoonigheid. De laatste wor-
den met een kunstwoord monotonie en isc-
tonie genoemd. Het best worden niet alleen
de nog zwakke spraakwerktuigen geoefend,
maar ook zelfs de, uit een vroeger verwensel
ontstane, gebreken verbeterd , door, onder
het opzigt van eenen kunstkenner, luide,
in het open veld of in groote wedergalmen-
de vertrekken, te lezen. Wanneer het doel,
hetwelk men bij het voorlezen heeft, daarin
bestaat, dat men van anderen, die ons hoo-
ren, juist verstaan worde, of, naar de om-
standigheden , nu eens dezen, dan genen in-
dfük op iien make j moeten jonge lieden
■ zich,