Boekgegevens
Titel: Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Auteur: Dolz, Johann Christian
Uitgave: Zutphen: H.C.A. Thieme, 1820
Opmerking: Vert. van : Anstandslehre für die Jugend
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1024 G 33
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205973
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Vorige scan Volgende scanScanned page
Cm )
maalcshalve bedreven wordt. Het spelen op
zich zelf is niet onwelvoegelijk, maar niet
elk spel past voor eiken ouderdom en voor
beide seksen. Dewijl cr zoo vele spelen
voor groote en kleine kinderen bekend zijn,
is het niet mogelijk, die alle, met betrekking
tot de welvoegelijkheid, op te halen. Bij
eenig nadenken zal' ieder ligtelijk de spelen
vinden, die voor hem passen of niet passen.
Indien oók, onder bepalingen, het kaartspel
voor menigen volwassenen eene uitspanning
is, en in dit geval niet geheel verwerpelijk
kan zijn, is het evenwel gansch niet te bil-
Kjkcn, wanneer jonge lieden tot zoodanig
spel hunne toevlugt nemen. Er behoort
reids eene tamelijke vastheid van karakter
toe, zullen de nadeelige gevolgen,- die uit
dit spel ontspruiten kunnen, verhoed wor-
'den. Wat de gepaste en betamelijke spelen
betreft, is het met de welvoegelijkheid over-
eenkomstig , dat men zich zelven, als er
een voorgeslagen wordt, dat overigens niet
onbetamelijk is, en waar\'an men de regels
kent, niet daarvan uitsluite; dat men het
I 4 niet.