Boekgegevens
Titel: Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Auteur: Dolz, Johann Christian
Uitgave: Zutphen: H.C.A. Thieme, 1820
Opmerking: Vert. van : Anstandslehre für die Jugend
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1024 G 33
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205973
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Vorige scan Volgende scanScanned page
( i88 )

§. 64.
JFelvoegclijkhetd hij het eten of drinken^
^Hec welvoegelijke of betamelijke bij het
nuttigen van spijze berust niet alleen op de
aard en manier, hoe men eet en drinkt,
maar gedeeltelijk ook op de plaats, TVaar dit
geschiedt. Hij, wiens gevoel voor het beta-
melijke maar eenigermate beschaafd is, zal
het eten op de openbare straat, in zekere
openlijke vergaderingen, als in de school, de
kerk, enz. zeker voor onbetamelijk hou-
den. Zoo ras ook de grond van den afkeer,
dien vele menschen tegen sommige zeer ge-
wone spijzen hebben, niet in hun ligchame-
lijk gestel, maar etnig en alleen in een ver-
wensel ligt, verdient ook dit verwensel niet
anders dan onwelvoegelijk genoemd te wor-
den. Dewijl datgene, wat 25) over de
welvoegelijkheid in het zitten gezegd is, ook
op het zitten aan de spijstafel toepasselijk
is, hebben wij lüer alleen nog in zoo verre,.
als