Boekgegevens
Titel: Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Auteur: Dolz, Johann Christian
Uitgave: Zutphen: H.C.A. Thieme, 1820
Opmerking: Vert. van : Anstandslehre für die Jugend
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1024 G 33
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205973
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 182-^)
worden, noemt men spotten. De spotternij
vertoont zich op veelvul^e wijzen, aan
welke men de onduitsche benamingen geeft
van salyre, persiflage, ironie, raillerie,
enz. Iets dergelijks wil men ook te kennen
geven door de spreekwijzen iemand voor den
gek (of voor het lapje) houden. De satyre
verbeeldt de dwaasheden of dwalingen van
anderen op zulk eene wijze, dat daardoor een
afkeer van dezelve wordt te weeg gebragt.
Échter behoort de satyre, over het algemeen
genomen, de dwaasheden, welke haar ste-
kel gispt, niet van eenen enkelen persoon
te ontleenen, maar zij ontwerpt het beeld
van eene dwaasheid of van een gebrek,
door eene bekwame zamenstelling van on-
derscheidene enkele trekken, van welke de
eene bij dezen, de andere bij genen wordt
aangetroffen. Daardoor onderscheidt zij zich
van het paskwil. De ironie en persiflage
■ kleeden derzelver berisping in den schijn van
lof. Wie eenen morsigen wegens zijne zin-
-delijkheid prijst, persifleert hem, of gebruikt
iionie. Waaneer al de welvoegelijkheid klei-
ne