Boekgegevens
Titel: Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Auteur: Dolz, Johann Christian
Uitgave: Zutphen: H.C.A. Thieme, 1820
Opmerking: Vert. van : Anstandslehre für die Jugend
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1024 G 33
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205973
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Lessen over de gezellige welvoegelijkheid voor jongelieden
Vorige scan Volgende scanScanned page
( i8i )
deren niet beleedigt; wanneer goedhartigheid
en wellevendheid daarin doorstralen. Zeer
juist zegt de beminnelijke tiedge :
„ Wiens hart elk ongeval, dat andren
treft, ontroert,
„ Alleen die teergevoelig is, kent wave
boert."
Onder deze vooronderstelling is eene fijne
scherts dikwijls leerzamer dan vermaningen.
Ongeoorloofd, en derhalve ook met de wel-
voegelijkheid strijdig, is de scherts in alle
- tegenovergestelde gevallen , en met name,
wanneer zij lomp, ongezouten is, wanneer
zij zich schaamtelooze dubbelzinnigheden
of onzedelijke toespelingen veroorlooft,
wanneer zij eene beleediging of grieving
van anderen ten oogmerk heeft, wanneer
eerwaardige zaken , verdienstvolle man-
nen, of heilige godsdienstige aangelegenhe-
den, of iets, hetwelk daarmede in verband
staat, er het voorwerp van zijn. Het bloot-
leggen van de gebreken of onvolkomenheden
van anderen, of wat het ook zij, op zoo-
danige wijze, dat zij daardoor belagchelijk
; H 7 wor»